Turkmenistan
Tsja, Turkmenistan. Raar land. De officiële
slogan van de absolute heerser is: 'Eén volk, één land, één leider'.
Waar doet je dat aan denken...
Omdat we maar drie dagen kregen om door het
land heen te komen, hebben we er niet zoveel van gezien. Daarbij kwam dat de
wegen echt abominabel slecht zijn, vooral het stuk rond hoofdstad Ashgabat. Dus
we hadden haast. Maar er waren toch wel wat hoogtepunten/dingen die ons
opvielen.
Allereerst waren dat de idiote gebouwen,
waarvan dit een bescheiden voorbeeld was.
 |
| Ashgabat is een rare stad. |
Heel Ashgabat staat vol met dit soort marmeren monumenten en
regeringsgebouwen. Er zijn gigantische boulevards met gigantische flats, waar
niemand in woont. Op die flats hangen gigantische beeldschermen, waar overdag
beelden van bloemen en bergen en 's avonds beelden van Ashgabat te zien zijn.
En er is verder niemand op straat, alleen politie, die je belet om foto's te
nemen van al die pracht en praal. En de mensen die er wonen mogen blij zijn als
ze stromend water hebben.
Eén voordeel van het land is
dat Sinsia haar hoofddoek weer af mocht! Blij!
 |
| Haar! Zon! Wind! |
Van de
douane kregen we ook een Travel Permit met daarop precies de weg aangegeven die
we mochten bereizen. Maar daaraan lag gelukkig één UNESCO-ding, namelijk Merv,
een ruïne van een hele grote stad uit de hoogtijdagen van de zijderoute. Dus
rebels als we zijn, weken we vijf kilometer van de route af om dit te gaan
bekijken.
 |
| Tombe van een sultan (maar hij ligt hier niet echt....) |
Er was
niet echt veel van de stad meer over, maar met hulp van de Turken was een
aantal dingen gerestaureerd. Dit is een tombe van de één of andere sultan. We
konden trouwens een heleboel Turkmeens herkennen, want dat lijkt heel erg op
Turks.
De
eerste nacht in Turkmenistan brachten we door op een truckersparkeerplaats. De
tweede nacht bij een wegrestaurant, gerund door dit Russische gezin/familie.
Hele lieve mensen waar we een avond mee hebben zitten keuvelen in
gebaren-/plaatjestaal.
 |
| Met onze Russische/Turkmeense vrienden. |
We dronken hier ook onze eerste unit alcohol sinds Iran! En dan
ook nog dat lekkere Efes-bier, uit Turkije. Mjam! Het was ook heel verfrissend
om weer gewoon haar te zien bij vrouwen.
Wat dus opviel aan
Turkmenistan waren de slechte wegen, de idiote gebouwen, vriendelijke Russen en
de beeldschone meisjes (daar helaas geen foto van). Na twee en een halve dag
hobbelen bereikten we de grens (niet aangegeven op de borden, maar na twintig
kilometer verkeerd rijden en tien keer de weg vragen toch gevonden) met
Uzbekistan.
Uzbekistan
Het verschil tussen Iran en Uzbekistan is
gigantisch, vooral als je na de grens in Bukhara aankomt. Het contrast was
zelfs zo groot dat we een ware cultuurshock beleefden. Voor toeristen is het hier lastiger reizen en er is veel meer armoede, dan in Iran. De eerste week waren we
dan ook een beetje chagrijnig. Uzbekistan is namelijk enorm toeristisch. Als
mensen in Iran ons aanspraken, wilden ze een praatje maken. Als mensen in
Uzbekistan ons aanspraken, vooral in Bukhara en Samarqand, wilden ze iets van
ons (iets verkopen/gids zijn). En alles was hier veel duurder, toeristen
betalen vaak tien keer zo veel als Uzbeken. Dat irriteerde, maar toen we er
eenmaal aan gewend waren, vonden we het best leuk, hier. Het enige dat echt jammer is, is dat we niet in de bus mogen slapen. Als toerist moet je je registreren, via een hotel. Helaas.
Het geld in Uzbekistan ziet er
echt obsceen uit. Sowieso moet je alles hier op de zwarte markt wisselen, de
koers is daar beter dan de officiële. Maar het grootste briefje is die van
duizend Som, dat ongeveer dertig cent waard is. Dus zo ziet honderd dollar er
in Som uit:
Bukhara
Bukhara is een prachtige
UNESCO-stad. Het hele centrum staat vol met madrassa's en moskeeën.
 |
| De grote moskee + minaret in Bukhara. |
Helaas zijn die madrassa's wel helemaal volgepakt met
souvenirkraampjes die vooral handwerk en rotzooi verkopen. Het handwerk was wel
mooi, maar erg duur en we moesten er weer helemaal aan wennen dat we de
kraampjes in werden gelokt, zonder thee te krijgen!
De mensen in Uzbekistan, op de bazaar en in de
winkels, zien er behoorlijk traditioneel uit. Lange gekleurde jassen en
grappige vierkante hoedjes zie je hier overal. Er woont in Uzbekistan een mix
van Uzbeken, Tajieken, Russen, Duitsers en Koreanen, dus eigenlijk zie je alle
soorten mensen wel voorbij komen.
 |
| Jochies in traditionele jassen. |
Bij de grens van Iran naar Turkmenistan kwamen we Umberto tegen,
met wie we ook in de rij hadden gestaan voor de Turkmeense ambassade in Tehran.
We gaven hem een lift naar Ashgabat en vervolgens kwamen we hem in Bukhara weer
tegen, waar we samen een stadswandeling maakten. Uiteindelijk zijn we in
Uzbekistan alle buitenlanders die bij de ambassade in de rij stonden weer
tegengekomen.
 |
| Lunchen met Umberto en gids. |
| De koekjes in Uzbekistan zijn erg lekker en je kan ze op elke
straathoek kopen! |
Samarqand
Na een paar dagen Bukhara reden we over de
redelijke wegen naar Samarqand, de tweede zijderoutestad in Uzbekistan.
Samarqand was heel anders, het was een echte Soviet stad, met hier en daar nog
een mooi monument.
 |
| De madrassa's van Registan (Samarqand). |
Hier vroeg een agent ons of we een exclusief bezoekje aan de
minaret wilden brengen. We moesten hem dan wel twintig dollar per persoon
toeschuiven. Dus we zeiden: “Nee, bedankt...”. Verderop was een minaret die je
voor 2000 Som kon beklimmen. Beter.
Omdat in Samarqand zelf niet gek veel te doen
was, besloten we Elois en Vincent, twee Franse jongens die net een jaar in
Nieuw Zeeland gewoond hadden en op weg terug Kirgizië, Uzbekistan, Iran en
Turkije aandeden, te vergezellen in hun zoektocht naar een suzani. Dat
is een met de hand geweven en geborduurd kleedje van zijde. Daar gingen we voor
naar de bazaar van Urgut, een plaatsje verderop, waar de suzani goedkoop waren.
Vincent en Elois werden direct besprongen door
alle plaatselijke verkopers. Wij keken geamuseerd toe.
 |
| 'Suzani?' |
Wij kochten op de bazaar een riem en tandpasta. Onderhandelen is
leuk!
Helaas hadden we in Samarqand
het meest last van onze cultuurschok, dus bleef Joris even in het hotel en ging
Sinsia er alleen op uit. Op haar toch maakte ze deze foto's:
 |
| Schapen. |
 |
| Tombes van belangrike mensen. |
 |
| Moskee = schoenen uit! |
Met de Fransen bezochten we ook nog de tombe van Al-Bukhari,
één van de belangrijkste verzamelaars van de hadith (geschriften en
vertellingen over de profeet Mohammed). Vooral voor Sinsia en Vincent erg
speciaal, voor Sinsia om bekende redenen, voor Vincent om dat hij net bekeerd
was tot de islam.
 |
| Graf van Al Bakhari. |
Brood wordt zo rondgebracht en verkocht vanuit kinderwagens met dekens eroverheen om het warm te houden.
Tashkent
Tashkent is de hoofdstad van Uzbekistan. Niet
echt mooi, maar wel vriendelijk. Hier begon onze cultuurschok te verdwijnen.
In Oh, the glory of it all vertelt
auteur Sean Wilsey hoe zijn moeder (tijdens de koude oorlog) met de organisatie
Childeren as Teachers of Peace vrede probeert te krijgen tussen de
Soviet Unie en de Verenigde Staten. Stomtoevallig kwamen we in Tashkent een
monument tegen van die club.
 |
| Goed punt. |
Totaal bizarre organisatie, de moeder was manisch-depressief, en
een totaal bizar monument. De tegeltjes werden gemaakt door kinderen uit
Seattle en Tashkent en bevatten vredesboodschappen als 'Peace and Love',
'Ah Life!', 'I Love horses', en 'Led Zeppelin'. Geinig om
te zien.
En er
was vlakbij het hotel (veel te duur, onaardige mensen, maar wij hebben
ze opgelicht!) een leuke bazaar
 |
| Chorsu Bazaar in Tashkent. |
Het
hoogtepunt van Tashkent was echter ons bezoek aan het ballet. Het was heel
goedkoop (10.000 Som = drie euro) en het was erg plezant om te zien. Het orkest
was niet erg zuiver en de timing van de dansers niet optimaal, maar met vallen
en opstaan worstelden ze zich door de voorstelling heen. En de solisten waren
wel goed. Bovendien was de sfeer heel informeel, mensen riepen oe en aa en
klepten en klapten er doorheen. Dus dat was erg leuk.
 |
| Piraten-ballet. |
Daarna aten we heerlijk bij één van de vele Koreaanse restaurants
(Koreanen door Stalin gedeporteerd naar Uzbekistan) die Tashkent rijk is.
Fergana vallei
We verlieten Tashkent richting Osh in
Kirgizië, en ondertussen brachten we nog wat tijd in de Fergana vallei door,
een grote vlakte tussen de weinige bergen die het land rijk is. Het eerste
stadje dat we aandeden was Kochand. Ons plan was daar de nacht door te brengen,
maar helaas was de keuze in hotelkamers schaars: veertig dollar voor een kamer
zonder elektra en water, of een veelvoud daarvan voor een kamer met al deze
luxe. Nee bedankt. Even verderop lag Fergana, waarvan wij gehoord hadden dat er
veel b&b's waren. Op één na (waar we helaas niet konden slapen) waren die
onvindbaar, met als resultaat dat we nu in een hotel zitten dat eigenlijk nog
niet af is. Veertig dollar. Maar wel met een douche!
 |
| Ingang van ons hotel. |
In Fergana zelf is niet zoveel te beleven. Natuurlijk is er een bazaar, en een erg leuk cafeetje met heerlijke koffie, maar daar houdt het wel op. Even verderop ligt echter Margillon, zijde-hoofdstad van de regio. Eén van de fabrieken daar is open voor publiek, en dus gingen we daar een kijkje nemen. Als eerste toeristen van het seizoen, werden we langs het hele productieproces geleid, van het uithalen van de cocon to het weven van de sjaals/tapijten/suzani.
 |
| Cocons uithalen en spinnen. |
 |
| Zijde verven. Leuk: toen we er waren, probeerden ze net een nieuwe techniek uit! |
 |
| En met de hand een lap weven! |
Morgen gaan we nog even terug naar Margillon
om de legendarische bazaar aldaar te bezoeken, waarna we Kyrgyzië intrekken. Eindelijk weer lekker in ons busje slapen!